Katrijn Sabbe

Vanuit mijn ervaring die ik opdeed als productontwerper voor kunststofverwerkende bedrijven kwam ik terecht bij Howest. Ik ben sindsdien actief als docent design & materialisatie en als onderzoeker binnen de groep ‘Circulaire materialen en Prototyping’.

Binnen het kader van onderwijs ga ik in feite onderzoek uitvoeren in samenwerking met bedrijven, maar ook met intermediaire organisaties om aan reële cases te werken binnen ons expertisedomein. In onze onderzoeksgroep focussen we heel erg op circulariteit en betrekken we ook heel intens onze studenten. Dit zowel om samen met ons het onderzoek uit te voeren of om de verdere ontwikkeling aan hen over te laten.

Wanneer ik spreek over circulariteit benader ik het als een brede waaier aan mogelijkheden. We gaan kijken waar we circulaire materialen kunnen inzetten, of we recyclaat kunnen gebruiken als een van de industriële materialenstromen en hoe deze het productontwerp beïnvloeden. We gaan in feite onderzoek doen naar de vele mogelijkheden die circulariteit biedt.

Mijn expertise zou je kunnen samenvatten als het ontdekken en onderzoeken van de verscheidene manieren waarop circulaire materialen en reststromen ingezet kunnen worden in het productieproces, en meer specifiek het productontwerp. Hierbij vormt het vinden van de juiste partner een essentieel element om nieuwe marktopportuniteiten te creëren.

Als een bedrijf bij ons komt aankloppen, is men vaak op zoek naar nieuwe toepassingen voor hun circulair materiaal of wil men weten welke nieuwe markten men ermee kan aansnijden. We gaan, samen met het bedrijf, kijken wat de mogelijkheden zijn op productniveau. Dit kan gaan over nieuwe mogelijkheden rond vormgeving, gebruik, verbinden, tooling om met die materialen aan de slag te gaan… Samenvattend gaat dat dan over de materiaal- en productietechnische eigenschappen.

Heel concreet kwam een bedrijf een tijdje terug naar ons met een redesignvraag. In feite wilde men het roer van een bestaand product volledig omgooien en verrijken met circulaire principes. Dan gaan we in eerste instantie heel breed gaan kijken. Wat zijn de mogelijkheden bij bepaalde productietechnieken? Wat zijn de mogelijkheden bij het inzetten van recyclaat? Kunnen we een volledig circulair circuit opzetten? Welke invloed hebben al die verschillende oplossingen op de vorm? En op het productieproces? Uiteindelijk verfijnen we die vele vragen om tot een toepasbare productoplossing te komen voor het bedrijf.

Vaak zijn die vragen ook minder concreet en beperkt het zich tot: “We hebben een nieuw materiaal ontwikkelt. En nu?”. Door vanuit verschillende standpunten naar een bepaald materiaal te kijken en met de toepassing van creativiteitstechnieken proberen we tot concrete oplossingen te komen.

Ik ben ongelooflijk trots op het feit dat we erin slagen om jonge studenten al van bij het begin van hun opleiding te betrekken bij heel reële vraagstukken. Het circulaire aspect is doordrongen in alle aspecten van hun opdrachten en is volledig doorweven in ons curriculum. Op die manier geven we die circulaire gedachte al mee van bij het begin en kunnen we hen daarmee enthousiasmeren. Dat vind ik echt de grootste verwezenlijking.

Bedrijven zijn zeker ook enthousiast over circulariteit, al helemaal als men achteraf de resultaten ziet. Die open blik van studenten is voor de bedrijven echt heel verfrissend. Men gelooft ook heel sterk in jonge mensen en dat vind ik het mooiste aan de job. Dat maakt het net zo interessant om studenten te betrekken bij specifieke onderzoeksopdrachten.

Dat circulariteit niet meer in vraag wordt gesteld, maar dat elk bedrijf zijn (rest)stromen in kaart kan brengen en zijn circulaire opportuniteiten kan ontdekken. Dat brengt met zich mee dat het evident is dat bedrijven partnerships aangaan met andere bedrijven, kennispartners enzovoort.

In een ideale wereld zijn er op een gegeven moment geen resten meer en is grondstoffengebruik in die mate geoptimaliseerd. Ik beschouw het als een soort van verantwoordelijkheid die bedrijven en organisaties hebben naar de samenleving toe. Bedrijven staan daar ook totaal niet alleen voor. Er zijn tal van partners die hen daarbij kunnen helpen, waaronder Howest.

Hoe een product fysiek ervaren wordt en hoe het zich manifesteert. Dat is waarom ik met productontwikkeling gestart ben in de eerste plaats. Dat gaat over kleuren, textuur, sensitieve eigenschappen van producten, de geur, toepassingen…

Eigenlijk gaat het over de patine van een product. Neem nu bijvoorbeeld een Panton-stoel. De glasvezelkuipen worden eigenlijk enkel mooier doorheen de jaren, net door die gebruikerssporen. Je koopt een product omdat je het persoonlijk aantrekkelijk vindt. Het gaat over een gebruiker die een product vasthoudt en de patine die daardoor gecreëerd wordt.

Duurzaamheid is wat ik heel belangrijk vind in een product. Het gaat over de juiste keuzes maken omtrent materialen, het verlengen van levensduur. Ook al heeft het gebruikte materiaal een nadeel, hoe ga je daar mee om? Recyclaat heeft nu eenmaal bepaalde eigenschappen waarmee je rekening moet houden bij productontwerp, maar hoe ga je daarmee om? Hoe draai je dat negatieve aspect om naar iets positiefs? Of ga je dat net tonen en plaats je dat net in de spotlight?

Translate »

Benieuwd in wat TUA West presteerde in 2020? Bekijk ons jaarverslag.